CFH-Advies
De werkzaamheid van melatonine met gereguleerde afgifte bij patiënten van 55 jaar en ouder met primaire insomnia is beperkt en is in een indirecte vergelijking geringer dan die van de benzodiazepinereceptor-agonisten zoals zolpidem. De CFH ziet geen plaats voor gebruik van melatonine met gereguleerde afgifte bij deze indicatie.
Endogeen hormoon geproduceerd door de pijnappelklier en qua structuur verwant aan serotonine. Van de werking op de melatoninereceptoren MT1, MT2 en MT3 wordt aangenomen dat het bijdraagt aan de slaapinducerende eigenschappen ervan, omdat deze receptoren (voornamelijk MT1 en MT2) een rol spelen bij de regulering van het dag-/nachtritme en de slaap. Fysiologisch neemt de melatoninesecretie toe na het invallen van de duisternis, met een piek tussen 2 en 4 uur ’s nachts en dit neemt gedurende de tweede helft van de nacht weer af.
Kinetische gegevens Resorptie: 100% bij volwassenen en > 50% bij ouderen. F = 15%, vanwege een first-pass-effect. Tmax = afhankelijk van voedsel, na inname van voedsel na 3 uur. Metabolisering: in de lever door CYP1A1 en CYP1A2 en mogelijk CYP2C19 tot inactieve metabolieten. Eliminatie: met de urine voornamelijk als inactieve metabolieten; 2% onveranderd.
T1/2el = 3½–4 uur.
Monotherapie bij patiënten van 55 jaar en ouder voor kortdurende behandeling van primaire insomnia die wordt gekenmerkt door een slechte slaapkwaliteit.
Teratogenese: Bij de mens, onvoldoende gegevens. Advies: gebruik ontraden. Bij dieren geen aanwijzingen voor schadelijkheid.
Overgang in de moedermelk: Melatonine komt er van nature in voor; waarschijnlijk gaat ook exogeen melatonine er in over. Advies: Tijdens gebruik geen borstvoeding geven.
Soms (0,1-1%): geïrriteerdheid, rusteloosheid, slapeloosheid, abnormale dromen, migraine, psychomotorische hyperactiviteit, duizeligheid, overmatige slaperigheid, buikpijn, obstipatie, droge mond, hyperbilirubinemie, hyperhidrose, asthenie, gewichtstoename. Zelden (0,01-0,1%): herpes zoster, leukopenie, trombocytopenie, hypertriglyceridemie, agressie, agitatie,
huilen, verhoogd libido, geheugenstoornis, aandachtsstoornis, visusstoornissen, verhoogde traanvochtproductie, opvliegers, maag-darmklachten, hypersecretie
speekselklieren, slechte adem, stijging van leverenzymwaarden, huiduitslag, jeuk, spierkrampen, nekpijn, priapisme.
Gelijktijdig gebruik met fluvoxamine (remmer van CYP1A2 en CYP2C19) vermijden, omdat het de Cmax van melatonine met een factor 12 kan verhogen. Voorzichtigheid is geboden bij gelijktijdig gebruik van 5- of 8-methoxypsoraleen, cimetidine, oestrogenen en chinolonen, omdat dezen de melatoninespiegel verhogen. Door CYP1A2-inductoren als carbamazepine en rifampicine kan en door roken kan de melatoninespiegel dalen. Gelijktijdig gebruik van alcohol vermijden, vanwege een negatief effect op de werking van melatonine op de slaap. Bij gelijktijdig gebruik versterkt het het sedatieve effect van benzodiazepine-agonisten en imipramine. Bij gelijktijdige toediening met zolpidem nemen stoornissen op het gebied van aandacht, geheugen en coördinatie toe.
Waarschuwingen en voorzorgen
Het gebruik heeft een matige invloed op het reactie- en concentratievermogen. Vele dagelijkse bezigheden (bv. autorijden) kunnen daarvan hinder ondervinden. Voorzichtigheid is geboden bij nierinsufficiëntie. Niet gebruiken bij leverfunctiestoornis vanwege verhoogde endogene melatoninewaarden overdag. Niet gebruiken bij kinderen en adolescenten jonger dan 18 jaar vanwege onvoldoende gegevens over veiligheid en werkzaamheid.
Inname van dagdoses tot max. 300 mg zijn gemeld zonder klinisch significante bijwerkingen.
Volwassenen: 2 mg per dag, innemen 1 tot 2 uur voor het slapen gaan en na het eten van wat voedsel. De dosis moet gedurende drie weken worden gehandhaafd.
|